07/01/2013

Vlaamse regering stelt 'Winkelen in Vlaanderen 2.0' voor

Het volledige persbericht - waarin de toekomstige Vlaamse Handelsvestigingenreglementering nader wordt toegelicht - gaat als volgt:

'13 mio € voor kernversterking, renovatie, en aankoop handelspanden
Afgelopen vrijdag 21 december 2012, keurde de Vlaamse regering, op initiatief van minister-president Kris Peeters en minister Philippe Muyters, “Winkelen in Vlaanderen 2.0” goed. Dit is het vervolg op de startnota “Winkelen in Vlaanderen” uit 2010, waarmee de Vlaamse regering inzet op een kernversterkend detailhandelsbeleid.
De startnota “Winkelen in Vlaanderen” leidde tot heel wat concrete initiatieven en verwezenlijkingen. Afgelopen vrijdag dan werd, op initiatief van minister-president Peeters en minister Muyters, “Winkelen in Vlaanderen 2.0” goedgekeurd, een coherent pakket van nieuwe beleidsmaatregelen.
- Via dit pakket wordt voorzien in ondersteuning voor lokale besturen en nieuwe instrumenten inzake het ruimtelijke beleid. De Vlaamse regering reserveert 13 miljoen euro aan kernversterkende maatregelen, renovatie van handelspanden, en aankoop van handelspanden, wat zal leiden tot een investeringsplan van 43 miljoen euro.
- Bovendien wordt ook reeds ingegaan op het beleid met betrekking tot de handelsvestigingen, na de regionalisering van de zogenaamde IKEA-wetgeving.

Een geïntegreerd handelsvestingsbeleid
Regionalisering van de IKEA-wet – socio-economische vergunning

Afgelopen vrijdag werd beslist hoe de voorbereiding van de regionalisering van de IKEA-wet concreet zal gebeuren. Er wordt gekozen om continuïteit te geven aan de werking en doelstellingen van deze wetgeving, maar vanuit een maximale integratie in het ruimtelijk instrumentarium. Het voorliggende voorstel werd getoetst aan de Europese Dienstenrichtlijn.

De socio-economische vergunning zal na de regionalisering blijven bestaan, en de rechtsgrond voor deze regeling zal worden opgenomen in het decreet inzake het Grond- en Pandenbeleid. Er zal maximaal worden aangesloten bij de beproefde terminologie van de wet op de handelsvestigingen.
Wanneer ook een bouwvergunning vereist is, zal die daarin worden geïntegreerd. Uiteraard is dat ook het geval bij de invoering van de omgevingsvergunning. Om de socio-economische aspecten te bewaken wordt de aanvraag van een dergelijke bouwvergunning voor advies voorgelegd aan het agentschap Ondernemen, zonder dat dit impact zal hebben op de termijnen voor de bouwvergunning.

Wanneer er enkel een wijziging gebeurt aan het assortiment, waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning nodig is of wanneer deze vergunning valt onder de vrijstelling of meldingsplicht, blijft de socio-economische vergunning apart bestaan.
Er wordt daarmee maximaal aangesloten bij de huidige procedure, maar met een grondige vereenvoudiging. In beide gevallen blijft de mogelijkheid van beroep behouden.

Actievere benutting bestaande instrumenten
Behalve het beleid van de socio-economische vergunningen kiest de Vlaamse Regering ervoor om de bestaande instrumenten actiever te benutten zodat de kleinhandelsvisie – al dan niet uitgewerkt in een commercieel strategisch plan – kan vertaald worden naar haar plannings- en vergunningenbeleid. Dat kan bijvoorbeeld al via ruimtelijke structuurplannen en ruimtelijke uitvoeringsplannen.
Daarnaast zullen nog bijkomende mogelijkheden worden aangereikt, zoals de mogelijkheid om kernwinkelgebieden en winkelarme gebieden aan te duiden via een stedenbouwkundige verordening, door de opsomming van straten of door de aanhechting van een perimeterplan. De Vlaamse Codex zal bovendien worden aangepast waardoor gemeenten en provincies via stedebouwkundige verordening beperkingen qua afmetingen van gebouwen of van bepaalde functies kunnen opleggen in bepaalde zones, gekoppeld aan de versterking van de leefbaarheid en aantrekkingskracht van kern en kernwinkelgebieden. Dit laat bijvoorbeeld toe dat kleinhandel kan worden beperkt of uitgesloten in een bepaald gebied.

Investeringsplan voor de handel

De Vlaamse regering kan de grote lijnen schetsen, maar een kernverstekend beleid is in de eerste plaats het beleid van de lokale besturen. De Vlaamse regering wenst de lokale besturen daarin maximaal te ondersteunen. Op initiatief van minister-president Kris Peeters worden hiervoor diverse vormen van steun aangeboden zoals:
- Een leidraad bij de opmaak van een strategisch commercieel plan, wat een praktische gids is voor lokale besturen om tot een bewust een doordacht detailhandelsbeleid te komen.
- Via het kennisnetwerk detailhandel: samen met de provincies en met nauwe betrokkenheid van de werkgevers en gemeenten wordt onderzoek verricht dat lokale besturen concreet kan helpen bij de uitbouw van hun beleid. Zo worden o.m. data aangeboden over de evolutie van de detailhandel in de gemeente, over de koopstromen, … en worden per gemeente infofiches opgesteld met suggesties voor een optimaal beleid.
- initiatieven waarop de gemeenten kunnen intekenen, zoals bv. het project Commerciële Inspiratie dat een vervolg biedt op het proefproject Commerciële Innovatie. Momenteel loopt een aanbesteding voor dit vervolgtraject, waarbij in Vlaanderen 600 handelaars zullen begeleid worden in gemeenten die hiervoor interesse hebben.
De Vlaamse regering wil de lokale besturen verder aanmoedigen en financieel ondersteunen om werk te blijven maken hun sterke actor- en regisseursrol inzake een kernversterkend detailhandelsbeleid.

Daarom organiseert minister-president Peeters op 15 maart 2012 een nieuwe VIA-ronde tafel ‘Winkelen’ waarop de nieuwe lokale bestuurders worden uitgenodigd. Tijdens deze vergadering zal minister-president Peeters hen verzoeken om in de geïntegreerde beleidsplannen voor de nieuwe gemeentelegislatuur voldoende aandacht te schenken aan een doordacht handelsbeleid. Daarnaast zal minister-president Peeters een programma ‘handelskernversterking’ uitrollen, met de bedoeling om daarmee een hefboomeffect te creëren. Dit programma zal bestaan uit 3 oproepen:
1) Kernversterkende maatregelen: bewegwijzering, opstart centrummanagement, opwaarderen winkelstraat, opmaak detailhandelsvisie, verfraaiing van het openbaar domein, … kunnen noodzakelijk zijn om de handelskern attractief te houden en verloedering tegen te gaan. De Vlaamse regering wil de steden en gemeenten ondersteunen bij het opnemen van dergelijke laagdrempelige projecten. Zeer belangrijk bij deze oproep is dat de motivering voor de projecten moet gebaseerd zijn op de detailhandelsvisie van de gemeente (tenzij dit het project zelf is). De subsidie bedraagt 30% van de projectkosten met een maximum subsidiebedrag van 70.000 euro. Voor dit luik wordt 4 miljoen euro Vlaamse co-financiering beschikbaar gesteld.
2) Renovatie handelspanden: de EFRO-projectoproep ‘gevelrenovatie en renovatie leegstaande handelspanden’ heeft goede resultaten met zich gebracht. Daarom werd besloten een
gelijkaardig hoofdstuk op te nemen voor panden die niet per definitie moeten leegstaan. Gemeenten kunnen dus een gemeentelijk reglement opstellen voor een renovatiepremie voor handelszaken in de kernwinkelgebieden, en kunnen hierbij rekenen op een co-financiering van de Vlaamse overheid. Hiervoor wordt 4,5 miljoen euro beschikbaar gemaakt. De steun is beperkt tot 10.000 euro per dossier.

3) Aankoop handelspanden: Gemeenten kunnen financiële steun ontvangen voor de aankoop van panden in kernwinkelgebieden (die achteraf gebruikt worden als handelspanden), de verbouwing van panden en voor de makelaarskosten. Door deze financiële stimulans wil de Vlaamse regering de steden en gemeenten stimuleren de drempelvrees te overwinnen en te zoeken naar manieren om vastgoed strategisch in te zetten voor het behalen van de doelstellingen rond kernversterking. Door zelf de vastgoedmarkt te betreden kan het lokale bestuur panden samenvoegen, bepaalde panden in te plannen voor startende handelaars en bepaalde locaties nieuw leven inblazen, … . Er wordt maximaal 500.000 euro voorzien voor centrumsteden en 400.000 euro voor de andere. Deze oproep loopt totdat het budget van 4,5 miljoen euro is uitgeput. Om de kostprijs van handelspanden door dergelijke bestaande of nieuwe initiatieven niet onnodig te laten stijgen, zal in het grond- en pandendecreet een voorkooprecht worden ingeschreven ten gunste van de gemeenten voor handelspanden binnen een aangeduid kernwinkelgebied
Met deze drie oproepen stelt Vlaanderen 13 miljoen euro cofinanciering ter beschikking, wat zal leiden tot een investeringsplan van minstens 43 miljoen euro.
Daarnaast zal kernversterking in het nieuwe EFRO programma expliciet aandacht krijgen, zodat ook in toekomst nog nieuwe projecten die kernversterking tot doel hebben, vanuit EFRO kunnen worden ondersteund

Algemene persinformatie:
Luc De Seranno, woordvoerder minister-president Peeters
Tel.: 02 552 60 12
luc.deseranno@vlaanderen.be
Thomas Pollet, woordvoerder van minister Muyters
Tel.: 0474 69 56 08
thomas.pollet@vlaanderen.be

Bijlage: enkele initiatieven die werden gerealiseerd sinds de winkelnota:
- De omzendbrief over de inplanting van grootschalige detailhandelszaken werd opgesteld, en de verwinkeling van bedrijventerreinen werd onmogelijk gemaakt door de aanpassing van het functiewijzigingsbesluit.
- Na een oproep werden 42 projecten van steden en gemeenten goedgekeurd. Met een budget van 8 miljoen euro werden meer dan 800 gevels van handelszaken en leegstaande panden gerenoveerd.
- Er worden na een oproep 9 proefprojecten ondersteund waarbij nieuwe concepten in bepaalde gemeenten worden uitgewerkt, zoals het project “sfeergebieden” in het centrum van Gent waar extra kansen worden gecreëerd voor speciaalzaken en unieke winkels, het project ‘Winkelweb’ in West-Vlaanderen waar het ondernemingscentrum in samenwerking met een aantal steden de ondernemers bewustmaken, informeren en begeleiden omtrent het belang van e-toepassingen en sociale media, … Hiervoor werd 2 miljoen euro uitgetrokken.
- Het afgelopen jaar doorliepen 125 individuele zelfstandigen in 8 gemeenten een individueel innovatietraject om de handelszaak te verbeteren.
- Er werd een leidraad opgesteld voor de lokale overheden, met betrekking tot de opmaak van een commercieel strategisch plan. Dit geeft de gemeenten niet enkel een strategie om te starten met een commercieel strategisch plan, maar geeft hen ook de mogelijkheid te benchmarken door een betere vergelijkbaarheid van de plannen.
- In samenwerking met de provincies en de VVSG en met betrokkenheid van de werkgeversfederaties, werd in september het Kennisnetwerk Detailhandel opgestart. Binnen dit kennisnetwerk kan de nodige knowhow opgebouwd worden voor het detailhandelsbeleid in de toekomst en kunnen de basisdata gezamenlijk aangekocht worden. Vandaag ontbreken immers vaak essentiële data om de impact van het beleid te kunnen opvolgen en evalueren. Ook tendensen in het winkellandschap zullen tijdig worden geïdentificeerd. De vergaarde informatie zal worden ter beschikking gesteld via een portaalsite.
- Aan de VVSG werd een werkingsbudget toegezegd om overlegtafels te organiseren over de kernversterking. De bedoeling hiervan is dat lokale besturen van elkaars goede voorbeelden leren zodat men niet overal telkens hetzelfde dient uit te vinden.
- De regeling dat de rente van een lening wordt vergoed indien een handelszaak moet sluiten door hinder bij openbare werken, werd uitgebreid tot lopende leningen waardoor de maatregel succesvoller werd en de kredieten hiervoor werden opgetrokken tot 3 miljoen'.

Stel hier je vraag bij dit blogbericht


Dirk Van Heuven Handelsvestigingen